De Groene Luwte op BEURZEN:

 

In 2018 zijn er geen beurzen meer waaraan we meedoen.

 

 


Lezing door Alma:

 

zaterdag 10 november 2018 
 van   14 - 16.30 uur

 

Lezing over Culinair Erfgoed
Bibliotheek Aan de Vliet in Voorburg

 

Bibliotheek Aan de Vliet

 

Meer over lezingen door Alma Huisken

 


 

Open Tuindagen 2019

  • zo 30 juni 2019
  • zo 07 juli 2019

 

Geopend van  12 - 17.00 uur

Rondleiding om  13.00 uur

Tuin + Terras + Winkel

Entree 4,-

 

 


 


NAAR HUMMELO

 

Zoals lezers van deze site misschien weten, schrijf ik (Alma) regelmatig een stuk over tuinieren in NRC Lux, de zaterdagbijlage van NRC Handelsblad. Nu wil het geval dat Doortje en ik binnenkort onze tuin en tuinwinkel presenteren als gast in de dan opengestelde privétuin van Piet en Anja Oudolf * te Hummelo. En het geval wil ook dat  ik een tijdje geleden over Piet en en zijn invloed op de Nederlandse tuinarchitectuur in NRC schreef. In dat kader leek het me aardig om dat stuk in grote lijnen hier aan te halen.

 

* Voor tuinliefhebbers behoeft het echtpaar geen introductie, maar ik help u wel even: Piet is de beroemdste hedendaagse tuinarchitect van Nederland en vér daarbuiten en Anja zijn charmante eega die jarenlang op de relatieve achtergrond de kwekerij opzette en dreef en een ongelooflijke steun en toeverlaat voor Piet is.

 

De Groene Luwte vindt u op 1 en 2 september in de tuin van Piet en Anja Oudolf, Broekstraat 17, 6999 DE Hummelo, van 11.00 – 16.00 uur - www.oudolf.com

 

THE DUTCH WAVE (uit NRC Lux)

 Copyright: © Alma Huisken

 

Zeg in het buitenland ‘Piet Oudolf’ en tuinliefhebbers weten onmiddellijk over wie je het hebt. ‘Pete Oedoelf’ is dé exponent van een bijzondere stroming gelijkgestemde zielen in het tuinvak. Samen met Ton ter Linden en Henk Gerritsen hoort hij tot de ontwerpers die een royale, natuurlijke stijl propageren. Hun tuinen zijn informeel opgebouwd in golven van elkaar aanvullende, of juist contrasterende beplanting, waarin vormen en kleuren een harmonieuze indruk maken. Ze lijken uit de omringende omgeving te zijn ontstaan. Werkend met bijzondere en dikwijls vergeten vaste planten, grassen en bolgewassen weten de ontwerpers met hun inrichting zo’n weldadige sfeer te scheppen dat je de indruk krijgt in  wonderbaarlijk mooi natuurschoon te zijn beland. Hoe begrijpelijk is het dat Duitsers deze tuinvorm ‘gesteigerte Natur’ noemen, zeg maar: geïntensiveerde natuur.

 

Piet Oudolf, Ton Terlinden en de overleden Henk Gerritsen vormden geen club, stichting of BV. Ze kwamen eind jaren zeventig, begin jaren tachtig onafhankelijk van elkaar tot min of meer gelijksoortige inzichten. De verschillen? Licht chargerend: de een flirt innig met de ecologische gedachte, de ander laat zich leiden door kleurige overvloed, zoals van knapen van sieruien en wulpse klaprozen, en de derde verwierf faam met de inzet van prairievegetatie en grassen uit de families van miscanthus en stipa. De ontwerpen bewegen zich tussen levend schilderij en beheerste woestenij. Maar de grondgedachte is telkens: hoe kun je beelden uit de natuur op creatieve wijze overbrengen, kijkend naar de lokale omstandigheden van de betreffende tuin. Of volgens de Haarlemse tuinhistoricus en publicist Leo den Dulk: ‘Ze wilden tuinen. Geen verlengstukken van het huis, geen openluchtkeukens of steriele prestigeobjecten, maar tuinen waarin wordt gewerkt met de natuur.’

 

Een oude erfenis

Zulke tuinen vielen op. Om te beginnen in Nederland en al heel snel in het buitenland. Zweeds collega Rune Bengtsson muntte de naam voor deze stroming: Den Holländska Perennvågen, letterlijk de Hollandse vasteplantengolf, afgekort tot The Dutch Wave. Leo den Dulk verduidelijkt: ‘Het was niet per se een puur Nederlandse trend om met vaste planten te werken in die losse, exuberante benadering. Ook elders in Europa en Amerika heersten dergelijke inzichten, want steeds meer zochten ontwerpers voor de tuin een vertaling van esthetische beelden uit de natuur. Maar wel is die trend sterk vanuit Nederland aangejaagd, door mensen als Oudolf, Gerritsen, ter Linden en niet te vergeten door tuinfilosoof en -schrijver Rob Leopold, de motor achter veel tuinontwikkelingen en -projecten hier te lande.’

Elke golf heeft een begin. Ook The Dutch Wave kent een bron, die ligt in het rijke, Nederlandse tuinverleden en mede werd gevoed door de ontwerpvisies van de Ierse Brit William Robinson en diens collega Gertrude Jekyll. Zij werkten eind 19e en begin 20e eeuw  in Engeland. De twee achtten de Victoriaanse tuinen uit hun eigen tijd afgrijselijk kunstmatig.Een flagrant Victoriaans voorbeeld is ‘carpet bedding’: tuinen als een gekleurd kleedje. Stijf, truttig, fantasieloos. Robinson en Jekyll ontwierpen toen al liever natuurlijke, ‘’wilde’’ tuinen en dachten eerder in brede streken dan in gepunnikte vakjes.

In Nederland zorgden natuurbeschermers als Jac. P. Thijsse en C.P. Broerse voor inspiratie, met hun inheemse vegetaties en natuurlijk ogende combinaties, gelukkig voorgoed geworteld in heemtuinen en –parken, midden jaren twintig aangelegd in Bloemendaal en Amstelveen. Met een duidelijk strakkere, meer architectonische blik keek Mien Ruys; toch was ook zij een voorstandster van werken met frisse, natuurlijke combinaties binnen de gegeven omstandigheden. Er bestaat geen zichzelf respecterend hedendaags tuinontwerper die zich niet door haar liet beïnvloeden.

 

Foerster en Pagels, de Duitse kwekers

Je kunt dan wel visionairs hebben die bijna ongemerkt een stroming in gang zetten, je hebt ook werkmateriaal nodig. Planten. En die kwamen er. Opgespeurd bij onder meer Karl Foerster, de grote Duitse plantenkenner uit Bornim bij Berlijn en bij diens leerling Ernst Pagels, gevestigd in het Noord-Duitse Leer. Kwekers die ver voor de Tweede Wereldoorlog een bijzondere collectie planten voortbrachten. Nogmaals Leo den Dulk: ‘Anders dan het wat sobere Nederlands naoorlogse sortiment hielden Foerster en Pagels van planten met een minder gekunsteld karakter; daarmee konden de jonge Nederlandse tuinontwerpers veel beter uit de voeten. Denk aan varens en grassen, en aan bijna vergeten Phloxen, Monarda’s, Echinacaea’s, inclusief nieuwe kweekvormen daarvan. Soorten die de Nederlandse kweker Coen Jansen graag “iets verbeterde wilde planten” noemt. Zo werd een unieke combinatie kenmerkend voor The Dutch Wave: vaste planten uit de jaren dertig in Duitsland, inheemse vegetatie, bollen en knollen, exoten uit Azië en opvallende plantensoorten uit het pan-Amerikaanse continent.

Het bijzondere sortiment sprak ook tot de verbeelding van enkele vooruitstrevende Nederlandse kwekers, die bij de beweging aanhaakten. Ze brachten de planten in de handel en legden er prachtige voorbeeldtuinen mee aan. Het zijn Anja Oudolf (Piets echtgenote), Coen Jansen in Dalfsen, Hans en Miranda Kramer in Ede en Fleur van Zonneveld en Eric Spruit van De Kleine Plantage in Eenrum, vlakbij Warffum. Zo uniek werd deze Dutch Wave bevonden, zelfs in tuinmekka Engeland, dat de stroming er talloze volgelingen kreeg en werd ondergedompeld in media-aandacht. De zo typerende beplanting leidde in september 2010 zelfs tot het lijstje ‘Top Ten Plants of the Dutch Wave’ in The Daily Telegraph. (zie onder).

Hoe gevarieerd de los-vaste groepering ook is, in het buitenland gaat de meeste attentie uit naar de bekendste vertegenwoordiger, Piet Oudolf uit Hummelo (Gld). Hij is de laatste jaren betrokken  bij tal van projecten zoals  de aanleg of het herstel van beroemde tuinen en gerenommeerde ‘’groenvoorzieningen’’ in Engeland, Zweden en Amerika, zoals The Highline in New York;een verhoogde spoorbaan die als een litteken door de city snijdt, maar nu wordt geflankeerd door een smal park waar bloemen en grassen weelderig bloeien en wuiven, alsof ze er altijd stonden.

 

De Planten Top Tien van The Dutch Wave volgens The Daily Telegraph

  1. Miscanthus sinensis ‘Ferner Osten’, siergras waarvan de mooie pluimen van

      paars via zacht oker naar zilverwit verkleuren

  1. Eupatorium maculatum ‘Riesenschirm’, zeer hoge plant (tot 2.40 m) met donkere stengels, lancetvormig blad en steenrode bloemschermen
  2. Echinacaea purpurea ‘Fatal Attraction’, zonnige, lila bloem in straal- of stervorm met donkere stelen en een bol, donker hart
  3. Stachys officinalis ‘Hummelo’, plant met vierkante stelen, gekarteld blad en schitterende, vlinderachtige paarslila bloemen die los zijn opgebouwd
  4. Aconitum carmichaelii ‘Arendsii’, struise, imposante monnikskap met aren vol spetterend blauwe bloemen
  5. Veronicastrum virginicum ‘Lavendelturm’, Amerikaanse familie van onze ereprijs; geestige, stijve, spitse pluimen in lavendelblauwe tinten
  6. Rudbeckia fulgida var. sullivantii ‘Goldsturm’, stralende, gele bloem – als een minizonnebloem - met donkerbruin hart. Sterke tuinplant en ook uitstekend op de vaas
  7. Calamagrostis brachytricha, bijzonder fijnzinnig pluimgras dat zachtjes wiegt in de wind; een melange van groen, strokleur en een vleugje lila
  8. Sanguisorba officinalis ‘Red Thunder’, pimpernelsoort, plant met dunne steeltjes waarop schitterende, wijnkleurige bobbeltjes staan
  9. Monarda ‘Mohawk’ of ‘Scorpion’,oftewel de bergamotplant, hier in lila/rood - bekende, geliefde tuinplant vanwege de geur en z’n sierlijke, licht gepluimde bloem.

 

Copyright tekst: © Alma Huisken

 

Aanmelden nieuwsbrief

Vind je het ook belangrijk om deze ecologische tuin voor de toekomst te bewaren? Je DONATIE aan Stichting De Groene Luwte Voorwaarts (ANBI) is VAN HARTE WELKOM!

:
 EUR